Remedies - Prozac

De werkzame stof in Prozac is fluoxetine. Fluoxetine is sinds 1986 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar onder de merknaam Prozac en het merkloze Fluoxetine. Het is te verkrijgen in tabletten, capsules en drank.

1. Wat doet dit middel en waarbij wordt het gebruikt?

Fluoxetine behoort tot de groep geneesmiddelen serotonine-heropnameremmers, ofwel SSRI's. Het regelt in de hersenen de hoeveelheid serotonine. Deze natuurlijk voorkomende stof speelt een rol bij emoties en stemmingen. SSRI's verbeteren de stemming en verminderen angsten.

Artsen schrijven het voor bij depressie, angststoornissen, zoals dwangstoornissen, paniekstoornis en posttraumatische stress-stoornis, en boulimia nervosa.

Depressie

Verschijnselen

Bij depressie is er sprake van een sombere stemming, geen interesse en plezier meer in de dingen van het leven. Iemand die depressief is, voelt zich vaak waardeloos en heeft schuldgevoelens. Ook kunnen mensen met depressie snel geïrriteerd zijn en moeite met inslapen of doorslapen hebben. Dergelijke klachten kunnen ook optreden bij vrouwen vlak voor de menstruatie.

Werking

Fluoxetine verbetert deze verschijnselen bij ongeveer zes op de tien mensen. U voelt zich energieker en uw stemming verbetert. Het kan echter wel vier tot zes weken duren voor u dit effect merkt. Het is belangrijk om het middel dan nog ongeveer een half jaar te blijven gebruiken. U voorkomt hiermee dat de depressie terugkomt.

Consequent gebruiken

Hoewel de werking tegen depressie pas na een aantal weken inzet, kunt u wel meteen na begin van de behandeling last krijgen van bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, want meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het middel. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Angstgevoelens en gespannenheid

Fluoxetine wordt gebruikt bij verschillende soorten angststoornissen, zoals dwangstoornissen en posttraumatische stress-stoornis.

Dwangstoornis

Verschijnselen

Dwangstoornissen, zoals smetvrees, zijn angststoornissen waarbij mensen de drang voelen om voortdurend bepaalde handelingen uit te voeren, zoals overdreven vaak schoonmaken en wassen. Een medische term voor een dwangstoornis is een óbsessief-compulsieve stoornis.

Werking

Fluoxetine werkt bij één tot twee van de vier mensen tegen deze stoornissen. Gesprekken met een psychiater of psycholoog (gedragstherapie) lijken beter te werken, namelijk bij drie op de vier mensen.

Effect

U merkt het effect van fluoxetine niet meteen, maar pas na één tot drie maanden. Ondanks dat, kunt u wel meteen na het begin van de behandeling last krijgen van bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, want meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het middel. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Paniekstoornis

Verschijnselen

Bij een paniekstoornis hebben mensen ongewoon sterke aanvallen van paniek. Deze aanvallen gaan gepaard met allerlei lichamelijke verschijnselen, zoals zweten, trillen, duizeligheid, missleijkheid en hartkloppingen. Ook heeft men vaak een voortdurende angst om opnieuw een paniekaanval te krijgen. Hiervan heeft iedereen wel eens in geringe mate last.

Behandeling

Als de klachten extreem vaak voorkomen en zeer heftig zijn, dan kunnen ze uw welzijn en dat van de mensen in uw omgeving sterk verminderen. In dat geval kan uw arts een behandeling met fluoxetine proberen. Verder zal uw arts u door middel van gesprekken helpen.

Effect

Het effect van fluoxetine merkt u niet meteen, maar pas na twee tot zes weken. De eerste twee weken van de behandeling kunt u zelfs meer last van angst krijgen. ook heeft u de eerste weken meer kans op bijwerkingen. Stop da niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het middel. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Posttraumatische stress-stoornis

Verschijnselen

Een posttraumatische stress-stoornis kan ontstaan als iemand een traumatische gebeurtenis heeft meegemaakt. Bijvoorbeeld een bedreiging, een verkrachting, een ramp of een ongeluk. Als het niet lukt om dit te verwerken, kan iemand een posttraumatische stress-stoornis krijgen.

Dit kan direct na de traumatische gebeurtenis beginnen, of pas veel later. Men krijgt dan verschijnselen van toegenomen angst of spanning die er voor de traumatische gebeurtenis niet waren, bijvoorbeeld slecht slapen, concentratieproblemen of heftige schrikreacties. Ook beleeft men details van de gebeurtenis vaak opnieuw in de vorm van nachtmerries of herinneringen die men niet uit het hoofd kan zetten.

Om de traumatische gebeurtenis te verwerken, kunnen gesprekken met een psychiater of psycholoog (psychotherapie) helpen. Fluoxetine kan helpen tegen de verschijnselen van een posttraumatische stress-stoornis, zoals angst.

Effect

Het effect van fluoxetine merkt u niet meteen, maar pas na twee tot vier weken. De eerste twee weken van de behandeling kunt u zelfs meer last van angst krijgen. Ook heeft u de eerste weken meer kans op bijwerkingen. Stop dan niet met het gebruik, meestal verminderen de bijwerkingen als u gewend bent geraakt aan het middel. Vaak verdwijnen ze zelfs.

Boulimia nervosa

Verschijnselen

Iemand die aan boulimie lijdt, is geobsedeerd door lichaamsgewicht en eten. Bij boulimie treden eetaanvallen op. Soms braakt de patiënt na een eetaanval het voedsel weer uit. Bij deze ziekte is een behandeling door een psychiater of psycholoog noodzakelijk. Fluoxetine kan helpen bij deze behandeling.

Effect

U merkt het effect na één tot vier weken, doordat het aantal eetaanvallen en ook de neiging om te willen overgeven afneemt. Of dit effect blijvend is, is niet bekend. Bij stoppen met het middel keren de eetaanvallen meestal terug, als er verder niets is veranderd door bijvoorbeeld psychotherapie.

2. Op welke bijwerkingen moet ik letten?

Behalve het gewenste effect kan dit middel bijwerkingen geven. Dit is het geval bij één op de vier tot vijf mensen.

De meest voorkomende bijwerkingen zijn maagklachten, slapeloosheid, sufheid, hoofdpijn, zweten, trillen, seksuele stoornissen, droge mond, wazig zien, bloedingen, gewichtsverandering, overgevoeligheid en rusteloosheid.

De meeste bijwerkingen verdwijnen na een of twee weken gebruik als u gewend met geraakt aan het middel.

Regelmatig

  • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, diarree en krampen. Dit gaat meestal binnen enkele dagen over, als u gewend bent geraakt aan het middel. U heeft minder last van deze bijwerkingen als u het middel met wat voedsel inneemt.
  • Slapeloosheid. Heeft u hier last van, neem het middel dan altijd 's ochtends in.
  • Sufheid, slaperigheid en een verminderd reactievermogen. Dit is vooral lastig bij activiteiten waarbij uw oplettendheid erg nodig is, zoals autorijden, het beklimmen van een ladder of het bewaken van een proces op het werk. Onderneem daarom geen risicovolle activiteiten.
  • Hoofdpijn, rusteloosheid, verwardheid, angst en nervositeit. Dit treedt vooral op aan het begin van de behandeling en wordt vanzelf minder.
  • Zweten, trillen en bibberen. De ziekte van Parkinson kan door fluoxetine verergeren. Raadpleeg uw arts als u hier te veel last van heeft.
  • Seksuele stoornissen, zoals minder zin in vrijen, moeilijke erectie en te late zaadlozing. Deze bijwerkingen gaan over als u met het middel stopt. Neem contact op met uw arts als u hier last van heeft.
  • Droge mond.Hierdoor kunnen zich eerder gaatjes in uw gebit ontwikkelen. Poets en flos daarom extra goed als u merkt dat u last heeft van een droge mond. Laat eventueel de tandarts vaker controleren.

Soms

  • Wazig zien.
  • Sneller en langer bloeden bij een verwonding. Dit merkt u ook aan blauwe plekken en bloedneuzen. Raadpleeg in dat geval uw arts. Dit middel kan problemen geven bij bloedingen. Meld daarom bij uw arts dat u dit middel gebruikt wanneer u een operatie moet ondergaan.
  • Gewichtsverlies, vooral bij mensen met overgewicht. Soms neemt het gewicht echter juist toe. Vraag uw huisarts om een verwijzing naar een diëtist als de gewichtsverandering te groot en ongewenst is.
  • Soms treedt overgevoeligheid voor dit middel op. Dit merkt u aan huiduitslag en galbulten, soms treedt ook koorts op. Raadpleeg bij deze verschijnselen uw arts. Geef aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor fluoxetine. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u het middel niet opnieuw krijgt.
  • Moeilijk stil kunnen zitten en rusteloosheid. Vooral mensen met de ziekte van Parkinson, kunnen hier meer last van krijgen. Raadpleeg uw arts als dit gebeurt, mogelijk moet de dosering van fluoxetine verlaagd worden.

Zeer zelden

  • Stemmingsveranderingen, toename van depressieve gedachten, vijandige gevoelens naar zichzelf of anderen. Dit kan zich uiten in agressie, zelfverwonding of gedachten aan zelfmoord. Neem contact op met uw arts op als depressieve gevoelens juist toenemen of verergeren. Jongeren onder de 18 jaar hebben meer kans op deze bijwerkingen.
  • Bij mensen met epilepsie kan een aanval worden uitgelokt. Overleg hierover met uw arts.
  • Als u diabetes mellitus heeft: u kunt eerder een te laag bloedglucosegehalte (hypo) krijgen door dit middel. Controleer daarom vaker uw bloedglucosegehalte.

Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van een van de bovengenoemde bijwerkingen, of als u andere bijwerkingen ervaart, waar u zich zorgen over maakt.

3. Heeft dit middel een wisselwerking met andere medicijnen?

De medicijnen waarmee de belangrijkste wisselwerkingen optreden, zijn de volgende.

  • Andere middelen die het reactievermogen verminderen. Bij deze middelen is vaak op de verpakking een gele waarschuwingssticker geplakt. De effecten op bijvoorbeeld de rijvaardigheid versterken elkaar. Rijd geen auto als u twee of meer van dergelijke middelen gebruikt.
  • Gelijktijdig gebruik van ontstekingsremmende pijnstillers, zoals acetylsalicylzuur, diclofenac, ibuprofen en naproxen, geeft kans op een maagbloeding. Maagbloedingen komen wel eens voor bij het gebruik van ontstekingsremmende pijnstillers. Dit risico is hoger als u ook fluoxetine gebruikt. Gebruik daarom liever paracetamol als pijnstiller. Deze heeft dat nadeel niet. Indien u toch fluoxetine samen met een ontstekingsremmende pijnstiller moet gebruiken, zal uw arts u bovendien een maagbeschermend middel voorschrijven, voor de periode dat u de pijnstiller nodig heeft.
  • Carbamazepine en fenytoïne, onder andere gebruikt bij epilepsie, verdwijnen minder snel uit het lichaam. Hierdoor kan te veel carbamazepine of fenytoïne in het bloed komen. U zult de hoeveelheid carbamazepine of fenytoïne in uw bloed regelmatig moeten laten controleren. De arts zal de dosering dan eventueel verlagen.
  • Middelen tegen depressie van de tricyclische groep. Dit zijn amitriptyline, clomipramine, dosulepine, doxepine, imipramine, maprotiline, nortriptyline en trimipramine. De hoeveelheid van deze middelen in het bloed kan toenemen. Hierdoor kunnen ze te sterk werken en meer bijwerkingen geven als u ze tegelijk met fluoxetine gebruikt. Raadpleeg uw arts, zodat deze eventueel de doseringen kan verlagen. Ook als u al gestopt bent met dit middel kan het enkele dagen tot weken duren voor u een ander middel tegen depressiviteit veilig kunt gebruiken.
  • Sommige andere middelen tegen depressie, namelijk fenelzine (Nardil), tranylcypromine (Parnate), moclobemide (Aurorix) en trazodon (Trazolan), kunnen te sterk werken en meer bijwerkingen geven als u ze tegelijk met fluoxetine gebruikt. Raadpleeg uw arts, zodat deze eventueel de doseringen kan verlagen. Ook als u al gestopt bent met dit middel kan het enkele dagen tot weken duren voor u een ander middel tegen depressie veilig kunt gebruiken.
  • Selegiline (Eldepril) en rasagiline (Azilect), middelen tegen de ziekte van Parkinson. Deze middelen kunnen niet met fluoxetine worden gebruikt, omdat ze dan een ernstige bijwerking kunnen geven. Ook als u al gestopt met met dit middel, duurt het vijf weken voor u, nadat u met selegiline of rasagiline bent gestopt, met fluoxetine mag beginnen. overleg met uw arts.
  • Clozapine (Leponex) een middel tegen psychoses. Fluoxetine kan de hoeveelheid clozapine in het bloed verhogen en hierdoor de bijwerkingen van clozapine versterken. Neem contact op met uw arts. Wellicht kan deze u een ander SSRI voorschrijven.
  • Dextromethorfan (Darolan, Dampo drank en capsules), een middel tegen hoest. In combinatie met fluoxetine kunnen ernstige bijwerkingen optreden. U mag deze middelen tegen hoest niet gebruiken. Overleg met uw arts of apotheker over een alternatief.
  • Bepaalde slaap- en rustgevende middelen (midazolam, alprazolam). Fluoxetine versterkt de werking en de bijwerkingen van deze middelen. Hierdoor kunt u meer last krijgen van sufheid. Raadpleeg uw arts als u deze combinatie voorgeschreven heeft gekregen. Misschien kan hij u een ander middel voorschrijven, dat deze wisselwerking niet heeft.
  • Sibutramine, een middel tegen overgewicht. In combinatie met dit middel kunnen in zeer zeldzame gevallen zeer ernstige bijwerkingen ontstaan.
  • Cyproheptadine, een middel tegen onder andere allergie, kan de werking van fluoxetine verminderen. Overleg met uw arts. Misschien kan deze u een ander anti-allergiemiddel voorschrijven of de dosis fluoxetine wat verhogen. Als u merkt dat de klachten waar u fluoxetine gebruikt toenemen, moet u dat bij uw arts melden.
  • De bloedverdunners acenocoumarol (Sintrom) en fenprocoumon (Marcoumar). Fluoxetine kan de werking van de bloedverdunner versterken. Neem contact op met de trombosedienst als u fluoxetine gaat gebruiken, de dosis verandert of als u stopt met het gebruik.
  • Een middel tegen migraine, namelijk sumatriptan (Imigran), en een pijnstiller tramadol (Tramal). In combinatie met fluoxetine is er een kleine kans op een ernstige bijwerking. Overleg hierover met uw arts. Misschien kunt u en ander middel gebruiken.
  • De werking en bijwerkingen van barnidipine, diltiazem, felodipine, gallopamil, isradipine, lacidipine, lercanidipine, nicardipine, nifedipine, nimodipine, nitrendipine en verapamil (calciumantagonisten) worden versterkt door het gebruik van fluoxetine. Overleg hierover met uw arts. Misschien kunt u een ander middel gebruiken.
  • Plasmiddelen van het thiazidetype (bijvoorbeeld. chloortalidon, chloorthiazide of hydrochloorthiazide). Raadpleeg uw arts als u deze combinatie krijgt voorgeschreven. De combinatie kan in zeldzame gevallen zorgen voor een te laag natriumgehalte in uw bloed. Dit kunt u merken aan plotselinge zeer hevige vermoeidheid, sufheid en verminderde eetlust. Neem meteen contact met uw arts op als u hier last van krijgt.
  • Metoprolol wordt onder andere gebruikt bij hart- en vaatziekten. Fluoxetine kan de hoeveelheid metoprolol in het vloed verhogen. Hierdoor kunnen de werking en bijwerkingen van metoprolol toenemen. U kunt dan bijvoorbeeld last krijgen van een te trage hartslag. Overleg met uw arts. Mogelijk kunt u overstappen op een ander middel.
  • Perfenazine, een antipsychoticum. Fluoxetine kan de hoeveel perfenazine in het bloed verhogen. Hierdoor kan perfenazine sterker werken en meer bijwerkingen geven, zoals sufheid en bewegingsstoornissen. Raadpleeg uw arts, zodat deze eventueel de dosering kan verlagen.

4. Als ik dit middel gebruik, mag ik dan...

Autorijden?

Rijd geen auto, zeker gedurende de eerste weken dat u dit middel gebruikt. Kijk na twee weken hoeveel last u heeft van sufheid. Meent u dat u kunt autorijden, vraag dan iemand om de eerste keren naast u te zitten en uw rijvaardigheid te beoordelen. Voor uzelf is het vaak moeilijk te zien of u minder goed rijdt.

Tips voor als u na enige tijd wilt autorijden

  • Rijd niet als u onscherp ziet, slaperig of duizelig bent, moeite hebt u te concentreren of wakker te blijven, of als u niet weet langs welke route u naar een bestemming bent gereden.
  • Drink absoluut geen alcohol als u gaat rijden. Alcohol versterkt de versuffende bijwerking van dit middel in sterke mate.
  • Rijd niet langer dan één uur, ook al voelt u zich goed.
  • Rijd niet 's nachts of bij slecht weer.

Alcohol drinken?

Alcohol versterkt het versuffende effect van dit middel. Ook als u hier niets meer van merkt omdat u gewend bent geraakt aan fluoxetine, kunt u door het gebruik van alcohol erg suf worden. Beperk daarom het gebruik van alcohol en drink het liever niet.

Alles eten?

U mag alles eten.

5. Kan ik dit middel gebruiken als ik zwanger ben, wil worden of borstvoeding geef?

Zwangerschap

Van alle serotonineheropnameremmers (SSRI's) is over dit middel het meeste bekend over gebruik tijdens zwangerschap. Tot nu toe zijn geen aangeboren afwijkingen waargenomen, maar meer gegevens zijn nodig om het middel helemaal veilig te noemen. Maar een onbehandelde depressie is vaak een groter risico voor het kind. Toch kunnen er problemen ontstaan bij gebruik in de laatste periode van de zwangerschap. Het kind kan na geboorte ontwenningsverschijnselen krijgen (bijvoorbeeld te merken aan slecht drinken en veel huilen). Meld in elk geval uw arts en apotheker zodra u zwanger bent, of binnenkort wilt worden.

Borstvoeding

Wilt u borstvoeding geven, overleg dan met uw arts of apotheker. Dit middel komt in een kleine hoeveelheid de moedermelk terecht. Het kan dan bijwerkingen bij het kind geven. Dit merkt u doordat uw baby dan prikkelbaar is, veel huilt, slecht drinkt, suf is of diarree heeft. Borstvoeding is meestal verantwoord, als u let op deze verschijnselen. U kunt dan op tijd uw arts raadplegen.

6. Hoe moet ik dit middel gebruiken?

Hoe?

Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek.

Wanneer?

Het maakt niet uit op welk tijdstip van de dag u dit middel neemt. Als u veel last heeft van de versuffende werking neem het dan 's avonds voor het slapen gaan in. Heeft u juist veel last van onrust en kunt u er slecht van slapen, dan kunt u het beter 's ochtends innemen.

Hoe lang?

  • Depressie. Als het middel na zes weken geen effect heeft is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts. Na verbetering van de klachten moet u het meestal zes maanden blijven gebruiken. Anders heeft u kans dat de depressie terugkomt.
  • Dwangstoornissen. Als het middel na drie maanden nog geen effect heeft, is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts.
  • Eetaanvallen. Als het middel na vier weken geen effect heeft is het waarschijnlijk niet zinvol ermee door te gaan. Spreek hierover met uw arts.

7. Wat moet ik doen als ik een dosis ben vergeten?

Het is belangrijk dat u dit middel consequent blijft slikken. Mocht u toch een dosis vergeten, neem deze dan alsnog in binnen 16 uur. Duurt het nog minder dan 8 uur voor u de volgende dosis hoort te nemen, sla de vergeten dosis dan over. Neem geen dubbele dosis in.

8. Kan ik zomaar met dit middel stoppen?

Ja, als het middel niet meer nodig is, kunt u in één keer stoppen. Over het algemeen geeft dit geen ontwenningsverschijnselen. Een heel enkele keer moeten mensen na stoppen even wennen. Zij krijgen dan in een lichte vorm last van angst, duizeligheid, draaierigheid, hoofdpijn, misselijkheid en zweten. Dat is binnen enkele dagen over.

Fluoxetine blijft nog wel enkele dagen tot weken in uw bloed. Houd daarmee rekening bij het gebruik van andere medicijnen die misschien niet samen kunnen.

Als u dit middel gebruikt tegen een depressie: wees erop bedacht dat het effect van fluoxetine pas na ongeveer zes weken maximaal is en dat u het middel daarna nog minstens zes maanden moet blijven gebruiken. Als u eerder stopt, heeft u kans dat de depressie terugkomt. Als u dit middel gebruikt tegen een depressie wordt het gebruik wel vaak over een periode van enkele maanden afgebouwd, om te voorkomen dat de verschijnselen van de depressie terugkomen.

Laatste herziening: 26-1-2006

Deze tekst is opgesteld door het Wetenschappelijk Instituut Nederlandse Apothekers (WINAp). Deze tekst is gebaseerd op de bijsluiter van het beschreven geneesmiddel en op andere, wetenschappelijke bronnen. De officieel geregistreerde gegevens van dit middel bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen vindt u op: www.cbg-meb.nl.